Waldemar Zdrojewski “Dychotomia“ 22.02 -23.03.2019

January 13, 2019 6:00 pm Published by

opening Friday 22 February 6-8pm / vrijdag 22 februari 18-20 uur

Dychotomia by the Polish photographer Waldemar Zdrojewski is an ecological j’accuse! Partly reportage, partly a reflection on life and death, it is very much an emotional complaint against the encroaching death of the Dead Sea.

Zdrojewski began photographing the Dead Sea in 2008. His rapture at being at the lowest place on earth, where Judaeo-Christian history has its very beginnings, quickly developed into the need to expose and denounce human greed. In 2050, the Dead Sea (an adjective that has become ever more ominous) will only be a third of its current size. It will not, however, disappear as a result of naturally occurring changes in the environment. Sea water is poured out onto salt-farms; when it evaporates, it leaves a precious, salty ore. The sea would not continuously be deader still, were it not for the salt mines on its banks, draining the area to such an extent that it leaves enormous, cavernous rifts. In the photographic series presented here, Zdrojewski tries to show a duality: life and death, the encounter of centuries-old civilizations and the kitschness of last minute holiday resorts, the durability of nature as opposed to the short-sightedness of human activities. The carcass of an aeroplane that will never fly away again or a rusting, abstract metal sculpture are the puny testimonies that humanity leaves behind.

Dychotomia is a project whose long and complicated implementation has taken over the characteristics of an investigation from the very beginning. It is a portrait of pain and an indictment of the perpetrator who walks towards death with great strides and insolent arrogance. This is both an accusation and a lamentation at the same time.

On Friday, February 22nd, Waldemar Zdrojewski will be present at the opening at 18:00 – 20:00 hrs at Gallery WM.

 

 

Dychotomia van de Poolse fotograaf Waldemar Zdrojewski is een ecologische j’accuse! Deels reportage, deels bespiegeling over leven en dood, het is vooral een aanklacht tegen de naderende dood van de Dode Zee.

Zdrojewski begon met het fotograferen van de Dode Zee in 2008. Zijn vervoering om op de laagste plek op aarde te zijn, waar de joods-christelijke geschiedenis begon, ontwikkelde zich al snel tot de behoefte om menselijke hebzucht aan de kaak te stellen. In 2050 zal de Dode Zee (een bijvoeglijk naamwoord dat nogal onheilspellend is geworden) slechts een derde van zijn huidige omvang hebben. Het zal echter niet verdwijnen als gevolg van natuurlijk voorkomende veranderingen in de omgeving. Water uit het zeebekken wordt voortdurend uitgestort op zoutboerderijen; wanneer het verdampt, laat het een kostbaar, zout erts achter. De zee zou niet steeds wat doder zijn, ware het niet voor de zoutmijnen op haar oevers. Het gebied wordt zo ernstig ontwaterd dat het gigantische holle kloven in het gebied achterlaat. In de hier gepresenteerde fotografische serie, probeert Zdrojewski een dualiteit te tonen: leven en dood, de ontmoeting van een eeuwenoude beschaving en de kitschheid van last-minute vakantieoorden, de duurzaamheid van de natuur in tegenstelling tot de kortzichtigheid van menselijke activiteiten. Het karkas van een vliegtuig dat nooit meer weg zal vliegen of een roestende, abstracte metalen sculptuur zijn de nietige getuigenissen die de mensheid achterlaat.

Dychotomia is een project waarvan de lange en gecompliceerde implementatie vanaf het begin de kenmerken van een onderzoek heeft overgenomen. Het is een portret van pijn en een aanklacht van de dader die de dood met grote stappen en onwetende arrogantie, tegemoet treedt. Dit is een beschuldiging en een weeklacht tegelijk.

Op vrijdag 22 februari zal Waldemar Zdrojewski aanwezig zijn op de opening van 18:00 – 20:00 uur in Gallery WM.

 

DYCHOTOMY      

The contemporary world loves political correctness. It loves it because it does not produce hostility. However, it does not tell the truth either.

I started photographing the Dead Sea in 2008. The rapture over the lowest place on Earth, where Judaeo-Christian history began, quickly developed into the need to denounce human greed. In 1946, Friedrich Georg Jünger wrote in Perfekstion der Technik that contemporary man cultivates an economy of robbery. He steals natural goods under the pretext of the need for funds for production. However, this same man forgot to add that he consumes more goods than he manages to produce from them in his glorious achievements of progress.

Insofar as statistics can be believed, in 2050 the Dead Sea (an adjective that begins to have an ominous ring to it here) will only be one third of its current size. It will not disappear as a result of naturally occurring changes in the environment. It wouldn’t be a bad thing, in all probability, if the neighbouring countries – Syria, Jordan, and above all Israel – were not exploiting the river Jordan that feeds the Dead Sea, from about the middle of the last century. It would be great if Israeli factories did not drain water from the sea basin: sea water is being poured out onto salt-bearing plantations; when it evaporates, it leaves a precious, salty ore. The sea would not be ever more dead if it were not for the salt mines on its wharves, draining the area to such an extent that it turns into cavernous rifts. These days, the entrance to this area is guarded by “No Entry” signs and soldiers carrying weapons in hand. Entry to the area is under threat of death. One can get buried by collapsing earth.

In the photographic series presented here, to which I gave the title Dychotomia, I try to show this duality: life and death, the meeting of centuries-old civilization and the kitschness of last minute holiday resorts, the durability of nature as opposed to the short-sightedness of human activities. The carcass of an aeroplane that will never fly away again or a rusting, abstract metal sculpture are the puny testimonies that humanity leaves behind. Nature avenges itself until she has enough strength. She takes away the soil from under man’s feet and forces him to flee. She gives a last warning before she engulfs you inside of her. However, man does not read too much into it. He flees, but a kilometre or two further on, he begins the robbery again from scratch. He builds up hotels like behemoths, inviting tourists and struggling patients with dermatological problems. “The Dead Sea will heal you!” Shout the advertising slogans.

And yes, the Sea will heal, as long as it exists. It will also threaten, as long as it lasts. However, its very being is already severely endangered. Man, however, seems to ignore both admonition and disappearance. He does not look further than the length of his generation, or two at most. He confuses enjoyment with happiness, so he uses life and nature as if there were no tomorrow. It seems to him that he is disproportionately more intelligent than the pre-modern man who in nature saw the sanctity of creation.  

Dychotomia is a project whose long and complicated implementation has taken on the hallmarks of an investigation from the very beginning. I know perfectly well who to blame for the tragedy of this measure. I am surprised, however, by the fact that the world has swallowed in silence, with alarm bells ringing, yet does not seem to notice the problem.

Dychotomia is a portrait of agony with an indication of the perpetrator approaching death with great strides. This accusation and lamentation at the same time.    

                                                                                         

DYCHOTOMIA

 De hedendaagse wereld houdt van politieke correctheid. Het houdt ervan omdat het geen vijandigheid oproept. Het vertelt echter ook niet de waarheid.

Ik begon met het fotograferen van de Dode Zee in 2008. Zijn vervoering om op de laagste plek op aarde te zijn, waar de joods-christelijke geschiedenis begon, ontwikkelde zich al snel tot de behoefte om menselijke hebzucht aan de kaak te stellen. In 1946 schreef Friedrich Georg Jünger in Perfektionder Technikdat de hedendaagse mens een economie van diefstal cultiveert. Hij steelt natuurlijke hulpbronnen onder het voorwendsel de productie te faciliteren. Echter, deze zelfde persoon vergeet toe te voegen dat hij meer goederen consumeert dan dat hij erin slaagt deze te produceren in zijn glorieuze vooruitgang.

Voor zover statistieken kunnen worden aangenomen, zal in 2050 de Dode Zee (een bijvoeglijk naamwoord dat onheilspellend is geworden) slechts een derde van zijn huidige omvang hebben. Het zal echter niet verdwijnen als gevolg van natuurlijk voorkomende veranderingen in de omgeving. Het zou geen slechte zaak zijn als de omringende landen niet – al vanaf ongeveer het midden van de vorige eeuw – de Jordaan rivier die de Dode Zee voedt, zo heftig uitbuitten. Het zou geweldig zijn als Israëlische fabrieken geen water uit het zeebekken zouden legen: zeewater wordt uitgestort op zoutboerderijen; wanneer het verdampt, laat het een kostbaar, zout erts achter. De zee zou niet steeds wat doder zijn, ware het niet voor de zoutmijnen op haar oevers. Het gebied wordt zo ernstig ontwaterd dat het holle kloven achterlaat. Tegenwoordig wordt de toegang tot dit gebied bewaakt door “Geen Toegang”-borden en bewapende soldaten. Toegang tot het gebied is op risico van een nare dood. Je kan worden opgeslokt worden door inzakkende aarde.

In de hier gepresenteerde fotografische serie, waaraan ik de titel Dychotomia(dichotomie) heb gegeven, probeer ik deze dualiteit te tonen: leven en dood, de ontmoeting van een eeuwenoude beschaving en de kitschheid van last-minute vakantieoorden, de duurzaamheid van de natuur in tegenstelling tot de kortzichtigheid van menselijke activiteiten. Het karkas van een vliegtuig dat nooit meer weg zal vliegen of een roestende, abstracte metalen sculptuur zijn de nietige getuigenissen die de mensheid achterlaat. De natuur wreekt zichzelf zolang ze voldoende kracht heeft. Ze haalt de grond weg van onder de voeten van de mens en dwingt deze te vluchten. Ze geeft een laatste waarschuwing, voordat ze je opslokt. De mens boeit het echter niet al te veel. Hij vlucht, maar een paar kilometer verderop begint hij het gegraai van begin af aan. Hij bouwt enorme hotels, nodigt toeristen en patiënten, worstelend met dermatologische problemen uit. “De Dode Zee zal je genezen!” schreeuwen de reclameslogans.

En ja, de Zee zal genezen, zolang het er nog is. Het zal ook bedreigen, zolang het bestaat. Haar bestaan, echter, is al ernstig in gevaar. De mens lijkt zowel vermaning als verdwijning te negeren. Hij kijkt niet verder dan de lengte van zijn generatie, hoogstens twee. Hij verwart genot met geluk, dus gebruikt hij het leven en de natuur alsof het niet op kan. Hij denkt dat hij onevenredig intelligenter is dan de archaische mens die in de natuur de heiligheid van de schepping zag.

Dychotomia is een project waarvan de lange en gecompliceerde implementatie vanaf het begin de kenmerken van een onderzoek heeft overgenomen. Ik weet heel goed wie de schuldige is van deze tragedie. Ik ben echter verrast door het feit dat de wereld in stilte toekijkt. Alarmbellen rinkelen, maar de wereld lijkt het probleem niet in te zien.

Dychotomia is een portret van pijn met een indicatie van de dader die de dood met grote stappen tegemoet treedt. Dit is een beschuldiging en een weeklacht tegelijk.

DYCHOTOMIA

Świat współczesny kocha polityczną poprawność. Wielbi ją, bo nie produkuje wrogości. Nie mówi też jednak prawdy.

Zacząłem fotografować Morze Martwe w 2008 roku. Zachwyt nad tym najniżej położonym na ziemi miejscem, w okolicach którego bierze początek judeo-chrześcijańska historia, szybko przerodził się we mnie w potrzebę złożenia donosu na ludzką chciwość. Friedrich Georg Jünger już w 1946 roku pisał w Perfekcji techniki, że człowiek współczesny uprawia gospodarkę rabunkową. Kradnie dobra naturalne pod pretekstem zapotrzebowania środków na produkcję. Ten sam człowiek zapomniał jednak dodać, iż zużywa dóbr więcej aniżeli udaje mu się z nich wyprodukować swych chlubnych osiągnięć progresu.

O ile można wierzyć statystyce, w 2050 roku Morze Martwe (przymiotnik zaczyna tu być złowrogą wróżbą!) będzie już tylko jedną trzecią siebie. Nie znika ono samoistnie, w wyniku naturalnie zachodzących w przyrodzie przemian. Miałoby się zapewne dobrze, gdyby ościenne kraje, Syria, Jordania, a przede wszystkim Izrael, od połowy ubiegłego stulecia, nie eksploatowały zasilającej go rzeki Jordan. Miałoby się świetnie, gdyby izraelskie fabryki nie odprowadzały wody ze zbiornika morskiego: na przeznaczonych do pozyskiwania soli plantacjach rozlewa się morską wodę; gdy wyparuje, pozostawia drogocenny, słony kruszec. Morze nie byłoby coraz bardziej Martwe, gdyby nie kopalnie soli na jego nabrzeżach drenujące teren do tego stopnia, że zamienia się on w przepastne połacie rozpadlin. Dziś wstępu na te tereny strzegą znaki zakazu, żołnierze z bronią w ręku. Wejście grozi śmiercią. Można zostać pochłoniętym przez zapadającą się ziemię.

W prezentowanym tu fotograficznym cyklu, któremu nadałem tytuł Dychotomia, staram się pokazać tę dwudzielność: życie i śmierć, spotkanie wielowiekowej cywilizacji i kiczowatość ośrodków wczasowych last minute, trwanie natury i krótkowzroczność działań człowieka. Wark samolotu, który nigdy już nie odleci czy rdzewiejąca, abstrakcyjna rzeźba z metalu są mizernym świadectwem, jakie pozostawia po sobie ludzkość. Natura mści się, dopóki starczy jej sił. Osuwa człowiekowi grunt spod nóg, każe mu uciekać. Daje ostatnie ostrzeżenie, zanim pochłonie w swym wnętrzu. Człowiek jednak robi sobie z tego niewiele. Ucieka, ale o kilometr czy dwa i tam rozpoczyna rabunkowy proceder na nowo. Buduje hotelowy moloch, sprasza turystów i borykających się z problemami dermatologicznymi pacjentów. „Morze Martwe cię uleczy!”, krzyczą slogany reklamowe.

Owszem, uleczy, dopóki jest. Zagrozi też, dopóki trwa. Samo trwanie jest już jednak srogo zagrożone. Człowiek zaś zdaje się ignorować zarówno napomnienie, jak i znikanie. Nie patrzy dalej niż na długość swego pokolenia, co najwyżej dwóch. Myli przyjemność ze szczęściem, korzysta więc z życia i natury pełnymi garściami. Zdaje mu się, że jest niewspółmiernie bardziej rozumny niż człowiek przednowożytny, który w naturze widział świętość stworzenia.

Dychotomia to projekt, którego długa i skomplikowana realizacja od początku przybierała znamiona śledztwa. Wiem już doskonale, kogo należy winić za tragedię tej miary. Zdumiewa mnie jednak fakt, że świat sprzysiągł się w milczeniu, nabiera wody w usta, zdaje się nie dostrzegać problemu.

Dychotomia to portret agonii ze wskazaniem na sprawcę zbliżającej się wielkimi krokami śmierci. To oskarżenie i lament zarazem.

Tags: